Aardappelkroketjes
Toen ik daar kwam
in het oude theehuis
van de vergeten dichter Beets
en aan de appeltaart hapte
en van de rode wijn dronk
zondag om vier uur
en in het rond kletste
toen kende ik jou nog niet.
Toen ik 's nachts
gedichten voorlas
voor de illegale radio
en van de aardappelkroketjes hapte
en van het bier dronk
' s nachts om vier uur
en over de politiek kletste
toen kende ik jou nog niet.
Het was zo stil in huis
dat weet ik nog
de katten snorden
en er belden vrienden
veel vage vrienden
op de vaste lijn
en aan de deur
en ik had geen geld
dat weet ik nog
ik had geen cent.
Toen ik bij de buurman kwam
die kwam uit Koerdistan
hij moest de hoer betalen
en ik zei: huur
en hij zei: ja de hoer
en hij maakte iets met lam
met de pan op tafel
toen kende ik jou nog niet.
Toen ik in een flat
bij vrienden kwam
en daar muziek ging maken
alles heel experimenteel
als je moeder het maar niet mooi vindt
en allen keken somber
dat hoorde er zo bij
toen kende ik jou nog niet.
Het was zo stil
dat weet ik nog
en toen heb ik kwasten gepakt
met vrolijke verf
en mezelf happy geschilderd
ik wilde licht en zon
dat weet ik nog
hoe ik een nieuw leven verzon.
Toen ik thuis was
en jouw hand pakte
en de jongen uitzwaaide
naar school
toen miste ik de eindeloze
nachten met de baardige
vrienden en de lege rekening
dat mis ik,
maar nu heb ik jou.
Nu heb ik jou
en zo is het goed.
Sjoerd 4 juli 2024

Geen opmerkingen:
Een reactie posten